hds logo
hds logo

Alle artikelen

Hoe herken ik welk type ondergrond ik heb alvorens ik behang aanbreng?Bijgewerkt een maand geleden

Voordat je behang aanbrengt, is het belangrijk om te weten welk type ondergrond je hebt en je muur goed voor te bereiden. Zo voorkom je loslatend behang, open naden en vlekken die doorschijnen.

Welke ondergrond heb je?

Een ondergrond kan zuigend, licht zuigend of niet zuigend zijn.

  • Zuigend: poreus en ruw, vaak onbehandeld. Bijvoorbeeld gips, baksteen of beton.
  • Licht zuigend: minder poreus en licht glad, vaak al eerder behandeld. Bijvoorbeeld een geverfde muur.
  • Niet zuigend: glad en dicht. Bijvoorbeeld glasvezelbehang, tegels of metaal.

Waterdruppeltest: druppel wat water op de muur. Verdwijnt het snel, dan is de muur zuigend. Trekt het langzaam in, dan is hij licht zuigend. Blijft het liggen, dan is hij niet zuigend.

Spons- of doektest: leg een natte spons of doek tegen de muur en kijk hoe snel het oppervlak droogt. Heel snel droog betekent sterk zuigend.

Zo bereid je je muur voor

  1. Oud behang eraf. Behang nooit over oud behang heen.
  2. Glad en heel. Vul gaten en scheuren en schuur ze glad.
  3. Schoon, droog en vetvrij. Nieuw stucwerk moet helemaal droog zijn.
  4. Voorstrijken. Een zuigende muur strijk je voor met een voorstrijkmiddel, zodat de lijm niet te snel intrekt.
  5. Egaal van kleur. Is je muur vlekkerig of donker? Zet hem dan eerst in één lichte kleur. Anders kunnen vlekken door dunner of licht behang heen schijnen.

Lijm en naden

  • Volg het lijmvoorschrift op het etiket. Bij vliesbehang smeer je meestal de muur in, niet het behang.
  • Druk de naden aan met een naadroller. Lijm op de voorkant dep je meteen weg met een schone, vochtige spons.
  • Bij behang van natuurlijke of handgemaakte materialen blijven de naden altijd iets zichtbaar. Dat hoort bij het materiaal.

Twijfel je over je ondergrond of de lijm? Neem gerust contact met ons op voordat je begint.

Was dit artikel nuttig?
Ja
Nee